Een onverwachte, frisse duik in het ijswater (Ammarnäs)

Vandaag gelukkig geen ultravroege Zweden met sneeuwscooters. Er is ergens wel eentje langs geweest, maar die kwam op een redelijk uur toe zodat we niet al te vroeg gewekt worden door de typische sneeuwscootergeluiden. Ook het zonnetje is er al vroeg bij vandaag en dat voelen we. Het lijkt vanmorgen warmer dan anders in de mobilhome. De thermometer bevestigt: het is al 10°C.

Wanneer we aan de wandeling van de dag kunnen beginnen, is het al bijna 11u30. Schoolwerk en een zondags tempo zijn de schuldige voor het laattijdig vertrek. Vandaag kiezen we voor een vlakke wandeling: we willen de ganse lengte van het meer afwandelen. En dit niet naast het ijs, maar op het ijs. Zo’n vlakke wandeling gaat vrij vlot en we hebben al een 5-tal kilometer achter de kiezen wanneer wanneer we op zoek gaan naar een plaatsje om te eten.

Op zoek naar een plaatsje om te eten
Een prachtige plaats om te ijsvissen….

Hier en daar is de sneeuw naast het meer gesmolten en liggen er enkele stenen vrij. Dat zijn ideale zitplaatsen om onze broeken droog te houden tijdens het eten. Lander wil dan weer graag een plaats waar een stroompje toekomt op het meer. Daar is het ijs al gesmolten en hoopt hij te kunnen ijsvissen. Bert en ik denken dat dat laatste niet kan. We vermoeden dat het ijs daar niet stevig genoeg is en dus gevaarlijk, ook al ziet het er van ver nog wel een vrij dikke laag ijs uit: 5 tot 10 cm. 

Ik ga het even proberen voor we Lander dichterbij laten komen. Voorzichtig ga ik voet voor voet dichter bij de rand van het ijs en probeer hoe stevig het is door even door de knieën te gaan. Niet voorzichtig genoeg. Plots breekt het ijs volledig en lig ik in het ijswater te zwemmen.
Inderdaad, te zwemmen. Want hoewel we dicht bij de oever zijn, voel ik geen bodem meer onder mijn voeten. Blijkbaar gaat de bodem steil naar beneden hier. Mijn handen zoeken steviger ijs om mezelf terug aan wal te hijsen. Bij de eerste pogingen breekt ook dat ijs gewoon af. Uiteindelijk lukt het toch en sta ik terug veilig, maar kletsnat, op het ijs. Schoenen, sokken, handschoenen, 2 broeken, onderbroek, 2 t-shirten, trui en jas: allemaal nat. Gsm, horloge, portefeuille, fototoestel, autosleutels eveneens. Muts en zonnebril: droog.

Kletsnat uit het ijswater.
Schoenen uitkappen, broek uitwringen, …
…en sokken uitwringen.

Hoewel het water ijskoud geweest moet zijn, voel ik geen koude. Nu is het belangrijk geen kou te krijgen, dus we handelen snel. Ik moet zo snel mogelijk terug naar de mobilhome. Terwijl ik mijn sokken en schoenen toch eerst even uitdoe om er zo veel mogelijk water uit te krijgen, legt Bert al enkele boterhammen voor mij klaar die ik op de terugweg kan opeten. Het water gutst werkelijk uit mijn schoenen. Hoe kan het ook anders. En ook mijn sokken kan ik uiteraard uitwringen. Ik wring ook het ergste nat uit mijn buitenste broek, trui, T-shirt en jas terwijl ik ze nog aan heb. Daarbij merken we op dat – ondanks dat ik toch helemaal in het water heb gelegen – jas en trui nog behoorlijk droog aanvoelen. De jas is waterafstotend en blijkbaar was mijn zwempartijtje kort genoeg zodat hij nog niet veel water kon opnemen. Da’s heel goed nieuws: mijn buitenste laag kan mij zo vermoedelijk nog wel warm houden. Ander goed nieuws is dat het zonnetje nog steeds volle bak schijnt. Bovendien staat er nauwelijks wind. Ook dat zorgt ervoor dat ik niet snel zal afkoelen.

Bert checkt ondertussen mijn gsm. Die blijkt nog te werken zodat we eventueel contact kunnen houden. Dat is alvast de redenering op dat moment. Nu bedenk ik mij dat we hier sowieso geen ontvangst hebben. Dus eigenlijk was mijn gsm toch nutteloos. Nu ja, ik ben in elk geval heel blij dat hij het nog doet. Na het uitwringwerk en alle checks, heb ik nog steeds warm. Ik eet dan ook snel mijn buikje rond voor ik de terugweg aanvat. Tegen de tijd dat ik klaar ben en effectief vertrek, willen Fien en Lander – die ook wel wat geschrokken zijn – graag met mij meestappen. Uiteindelijk vertrekken we met zijn 4’en terug naar de mobilhome. Het zonnetje blijft zijn werk doen en ik krijg het nooit koud.Zelfs niet fris. Behalve mijn voeten en handen. Mijn tenen en voeten voelen aan als ijsblokjes. Ik ben echter blij dat ik ze nog voel. Voor de zekerheid drijf ik het wandeltempo toch nog wat op. Ook mijn handen kunnen maar niet warm krijgen in de uitgewrongen handschoenen. De kilometers vorderen gelukkig snel en wanneer we er bijna zijn, heb ik er vertrouwen in dat ik al mijn tenen ga kunnen behouden. Ik laat mij terug inlopen door Bert, Lander en Fien om nog een fotootje te nemen met mijn gsm.

Nog tijd genomen voor een fotootje
En nog eentje als Bert, Lander en Fien achter het hoekje uitkomen

Terwijl zij nu écht gaan ijsvissen, trek ik in de mobilhome droge kleren aan en hang een en ander te drogen. Mijn kleren blijken helemaal niet (meer?) zo nat. Daar ben ik echt van onder de indruk. Mijn jas is quasi droog. Mijn trui voelt vochtig, enkel de uiteinden van de mouwen echt nat. Mijn T-shirt voelt wel eerder nat, maar mijn strakke merinho onderhemd met lange mouwen dan weer niet. Eenzelfde verhaal met mijn broeken: mijn trekkingsbroek is vochtig, het onderste van de pijpen echt nat. Mijn onderbroek met lange pijpen voelt gewoon vochtig. Mijn gewone onderbroek is dan weer nat. Het straffe is ook dat de inhoud van mijn portefeuille nog gewoon helemaal droog is. En dat terwijl die portefeuille toch gewoon in mijn broek zat. Ik begrijp er niets van. 

De inhoud van mijn portefeuille is nog gewoon droog ….

Mijn wandelschoenen zullen nog wel een tijdje nat blijven, maar het allergrootste vocht is er toch al uit. ’s avonds zijn alle andere kleren terug droog en kan ik ze al opnieuw aantrekken. Alles bij elkaar lijkt ook de permanente schade sterk mee te vallen. Er is op dit ogenblik enkel nog twijfel over het fototoestel en bijhorende lenzen; al de rest werkt nog. Enkel het verhaal blijft en de mopjes die Bert en de kindjes ongetwijfeld nog een tijdje zullen maken. Ze zeggen nu al dat ze het eigenlijk wel grappig vonden dat ik in het water viel. En eerlijk: eigenlijk is het ook wel grappig.

De rest van de dag hebben we er een lazy sunday van gemaakt met ijsvissen, lezen op het ijs, de breedte van het meer schatten én meten (nvdr: 950m breed), een vuurtje maken, aperitieven bij het haardvuur en houtsnijwerkjes maken. Helaas hebben we alweer niks gevangen met dat ijsvissen, ik heb dus Zweedse balletjes in tomatensaus moeten klaarmaken. Later zal een Zweed ons troosten met het verhaal dat dit een moeilijk meer is om te ijsvissen. De vissen laten zich hier blijkbaar niet makkelijk vangen. Ik daarentegen wèl 😉

Ijsvissen op het meer
Dit keer met een echte ijsvishengel
Ook Fien vist mee
Ik wandel ondertussen naar de overkant van het meer (in de breedte deze keer): 950m
Hout snijden

This Post Has 2 Comments

  1. Wim

    Als je nieuw volk ontmoet, lijkt dat verhaal wel een ideale ijsbreker…

    1. Grimme Bogaerts

      Ik kan alleszins op elk sollicitatiegesprek zeggen dat ik al eens door het ijs ben gezakt…

Comments are closed.